Dit verhaal biedt kinderen een open ruimte om na te denken over wat er na de dood kan zijn, en laat zien dat existentiële vragen geen eenduidig antwoord hoeven te hebben maar uitnodigen tot gesprek, verbeelding en uitwisseling.
Bibliografische gegevens:
-
- Titel: Hoe zou het hierna zijn?
- Oorspronkelijke titel: Más allá(2017)
- Auteurs: Silvia Fernández & David Fernández
- Illustraties: Mercè López
- Nederlandse uitgave: Uitgeverij Maretak, 2020
Het verhaal
In dit prentenboek bevinden we ons in een circus waar acrobaten en dieren dagelijks hun grenzen verkennen. Juist daar, hoog in de lucht of balancerend op een dun koord, in situaties vol gevaar dringt zich een grote vraag op die in een reeks contemplatieve scènes aan de orde wordt gesteld: wat gebeurt er na de dood?
Elke spread verbeeldt een mogelijkheid. Angelo de ‘haai’ denkt dat hij misschien in de hemel komt, Madeliefje de marmot gelooft in reïncarnatie van steeds maar opnieuw geboren worden en sterven, een eindeloze cyclus. Fatima de kameel denkt dat ze naar een paradijselijke plek zal gaan. Elk circusdier, tien in totaal, heeft zo een eigen antwoordwaardoor we een caleidoscopisch beeld krijgen van hoe het na de dood, en voor de circusdieren zal dat dan zijn als ze hoog in de lucht van het koord afvallen, zal zijn.
We zien ze in de illustraties vallen, maar we zien ze niet op de grond neerkomen. Hoe het met hen afloopt zien we op de laatste spread als alle artiesten in dik verband gehuld voor de circustent zitten.
De lezer krijgt tot slot de vraag:
‘En… wat denk jij?’
Hoe de dood wordt gepresenteerd
De dood verschijnt hier niet als gebeurtenis, dreigend figuur of personage, maar als vraag. Alhoewel we de artiesten wel zien vallen, richt het verhaal zich niet op het moment van sterven zelf, maar op het nadenken over wat er daarna zou kunnen zijn.
In het verhaal wordt bewust gekozen voor een open, niet-dogmatische benadering, waarin uiteenlopende culturele en religieuze perspectieven naast elkaar bestaan . De dood wordt zo een aanleiding tot verbeelding in plaats van angst.
De essentie van het verhaal zit in de opsomming van uiteenlopende voorstellingen. Religieuze, kosmische en seculiere beelden over hoe het na de dood zou kunnen zijn staan naast elkaar. Geen enkele optie wordt bevestigd.
Kernthema’s
Veelstemmigheid van overtuigingen
Het boek presenteert meerdere voorstellingen van het hiernamaals — ieder circuspersonage deelt een eigen beeld — waarmee het benadrukt dat er niet één universeel antwoord is op ‘wat er na de dood komt’.
Nieuwsgierigheid en gespreksgedreven benadering
In plaats van angst zaaien, nodigt het boek uit tot verbeelding en dialoog: het verhaal beoogt de dialoog op gang te brengen tussen kinderen en volwassenen over leven, dood en geloof.
Balans tussen licht en zwaarte
We zien speelse circusbeelden en humoristische details naast serieuze, existentiële vragen, waardoor het onderwerp toegankelijk blijft zonder het te simplificeren.
Overgang en continuïteit
Het idee van voortbestaan in herinnering, wedergeboorte of reizen naar een andere ruimte/wereld komt terug; zo behandelt het verhaal thema’s als rouw, herinnering en transformatie.
Empathie en herkenning
Door verschillende perspectieven te tonen kunnen kinderen herkennen wat overeenkomt met hun eigen (thuis/kerk/wereld)beelden en tegelijkertijd ook begrip ontwikkelen voor andere zienswijzen.
Symboliek en culturele gelaagdheid
Circus als metafoor voor het leven en de grenservaring
Het circus is niet alleen decor: het symboliseert een bestaan vol risico, balans en grensoverschrijding. Acrobatiek en trapezewerk functioneren als beeldtaal voor een leven op het randje en dat vormt een natuurlijke aanleiding om over sterven en het ongewisse na te denken.
Lucht, zweven en vallen als overgangsbeelden
Trapeze, hoge touwen en sprongen representeren letterlijk en figuratief het ‘tussen’: tussen hier en daar, tussen leven en wat daarna komt. Het visuele beeld van vallen of zweven maakt de abstracte gedachte van overgang concreet en voelbaar voor kinderen: zij zien letterlijk de bewegingen die voor volwassenen metaforen kunnen oproepen.
Hemelbeelden en culturele iconografie in de platen
De illustraties tonen diverse visuele referenties (hemel, tuin, wederopstanding of reïncarnatieachtige beelden) zonder religieuze labels: daardoor ontstaan herkenbare, maar niet-dwingende ‘hemel- of hiernamaals-voorstellingen’ die lezers associëren met verschillende tradities.
Rol van de illustraties
De illustraties van Mercè López spelen een belangrijke rol. Ze creëren een kleurrijke, soms dromerige circussfeer waarin lichtheid en ernst samenkomen.
Beeld en tekst vullen elkaar aan: de sobere, vragende toon van de tekst krijgt visuele rijkdom door expressieve personages en theatrale scènes .
De illustraties maken abstracte ideeën concreet en toegankelijk. Ze temperen de zwaarte van het onderwerp zonder het te bagatelliseren.
Betekenis voor kinderen
Het kunstje op hoogte van de dieren is zowel daad van lef als van blootstelling. Dat dubbelbeeld helpt kinderen te begrijpen dat praten over de dood moedig kan zijn, maar dat het ook angst en kwetsbaarheid blootlegt. Voor kinderenbiedt het verhaal een veilige ingang tot een groot thema. Doordat meerdere antwoorden naast elkaar mogen bestaan, ervaren kinderen dat twijfel en nieuwsgierigheid toegestaan zijn. Het verhaal biedt ruimte. Ruimte om te denken. Ruimte om te twijfelen. Ruimte om verschillende ideeën naast elkaar te laten bestaan.

